Het familiewapen van de Verniers-en is in de loop van de tijd twee keer met de hand getekend. Het oudste exemplaar is het ex libris van R.M. Verniers, in de jaren zeventig getekend door Karel van den Sigtenhorst. Recent is het wapen opnieuw, in hoge resolutie, getekend door heraldicus Piet Bultsma-Vos. Hieronder staan beide versies naast elkaar.

Familiewapen Verniers, handgetekend door Piet Bultsma-Vos

Nieuwe tekening, Piet Bultsma-Vos (A3, gesigneerd; privébibliotheek)

Ex libris R.M. Verniers, handgetekend door Karel van den Sigtenhorst

Ex libris R.M. Verniers, Karel van den Sigtenhorst (jaren '70)

Beide tekeningen tonen hetzelfde wapen: een gedeeld schild met links een zwarte adelaar op goud, en rechts, boven drie rode bonen op zilver, een rood veld met een witte klauw. Boven de helm staan een kroon en het helmteken: een gepantserde arm waarvan de vuist een instrument vasthoudt. Helmteken, kroon en rood-wit dekkleed komen in beide versies terug, al verschilt de precieze uitvoering per tekenaar en periode.

Duiding van de symbolen

Het wapen is voor het eerst aantoonbaar door de familie gevoerd rond 1680 in Weesp, na een periode van vlucht voor oorlogsgeweld. De familie was op dat moment bestuurder, chirurgijn en koopman, en genoot aanzien — onder meer als heemraad van Muiden. Het wapen staat afgebeeld op de zilveren hensbeker van het Hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk (de voorloper van het huidige Waterschap Amstel, Gooi en Vecht), gemaakt in 1717 door zilversmid Jan Lankhorst. Op het deksel van deze beker staat het opschrift "Adversus mare luctor" ("mij verzettend worstel ik met de zee"), gedragen door de Romeinse zeegod Neptunus; onderaan staan de zee, zeewezens en de vier windstreken, en op het deksel houdt een leeuw de wapens van Holland en Utrecht vast. Toen het hoogheemraadschap in 1795 zilver moest inleveren om er munten van te laten slaan, koos het bestuur ervoor de beker af te kopen in plaats van hem te laten omsmelten — zo is hij bewaard gebleven en staat hij tegenwoordig in het kantoor van Waterschap AGV. De nieuwe tekening van Piet Bultsma-Vos is bewust in overeenstemming gebracht met dit oudere wapenbeeld.

Detail van de hensbeker van het Hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk: het wapen van de familie Verniers, gegraveerd met de datum 12 juni 1694 en de naam "K. Verniers, Hoog Heemraed". Zie het volledige verhaal van deze beker bij Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.

Een tweede document bevestigt deze plek in het bestuur: een beschilderd bord met de titel "Wapens en Naamen der Heeren Dykgraven, Hoogheemraaden en Secretarissen, van den Zeeburg en Diemerdijk, sedert den jaare 1675". Het bord toont, gerangschikt per plaats, de wapenschildjes en namen van alle dijkgraven, hoogheemraden en secretarissen van het hoogheemraadschap vanaf 1675. Onder de hoogheemraden van Muiden staan de namen en de familiewapens van Cornelis Verniers, Pieter Verniers en Willem Verniers.

"Wapens en Naamen der Heeren Dykgraven, Hoogheemraaden en Secretarissen, van den Zeeburg en Diemerdijk, sedert den jaare 1675".

Detail van de rij Muiden, met de namen en wapens van de hoogheemraden.

Het schild. Het schild is gedeeld: een verticale lijn splitst het in twee gelijke velden. De accoladevorm die in beide tekeningen is gebruikt — rechthoekig, met een ronde insnijding aan de onderzijde — raakte pas aan het einde van de achttiende eeuw in gebruik en wordt tot op heden veel toegepast.

De Friese adelaar (linkerhelft). Een zwarte adelaar op een gouden veld die de helft van een gedeeld schild vult, is in de Nederlandse heraldiek een specifiek benoemd motief: de Friese adelaar. De oudste bekende wapens met deze figuur dateren uit de vroege zestiende eeuw, toen Friesland onder het gezag van de Stad Groningen en de Saksische en Oost-Friese graven stond; na de Habsburgse inlijving van Friesland verspreidde het motief zich verder. In de zeventiende eeuw voerden ook Friese boerenfamilies en advocatengeslachten — dus niet uitsluitend adel — de Friese adelaar, en in de achttiende eeuw was het gebruik zo algemeen dat heraldici erover spreken als een "gezonken cultuurgoed": een oorspronkelijk aan een bepaalde stand voorbehouden motief dat breed gemeengoed werd. Een veelgehoorde verklaring dat de adelaar zou verwijzen naar een middeleeuws rechters- of grietmansambt, of naar de Keizerlijke Adelaar van het Heilige Roomse Rijk, wordt door de Fryske Rie foar Heraldyk niet langer onderschreven — bewijs daarvoor ontbreekt. Algemeen staat de adelaar in de heraldiek voor kracht, macht en autoriteit. In de klassieke beschrijving vult de Friese adelaar doorgaans de rechterhelft van een gedeeld schild; in het Verniers-wapen is dit gespiegeld naar de linkerhelft.

De klauw (rechterhelft). Boven de drie bonen staat, in het rode veld, een klauw. Algemeen staat een grijpende klauw in de heraldiek voor kracht en gezag, vasthoudendheid, weerbaarheid en moed, en kan hij een overwinning of triomf over een tegenstander verbeelden. Mijn werkhypothese is dat de klauw verwijst naar het welslagen van de familie in een tijd van geloofsvervolging, oorlog en vlucht: als doopsgezinde vluchtelingenfamilie bouwde zij in de Noordelijke Nederlanden een nieuw, succesvol bestaan op en bereikte zij uiteindelijk de bestuurslaag — een triomf op de omstandigheden, niet op een concrete vijand. Deze verklaring heb ik zelf opgesteld aan de hand van de omstandigheden van die tijd; een bron die haar bevestigt, is (nog) niet gevonden. In de nieuwe tekening van Bultsma-Vos zijn de klauw en de drie bonen, anders dan in het ex libris van Karel van den Sigtenhorst, in de richting gezet die overeenkomt met de vroegste bekende afbeelding van het wapen, op de hensbeker.

Het helmteken: de arm met vuist en instrument. Een ander onderdeel van het wapen staat niet in het schild, maar torent boven de helm uit: een gepantserde arm waarvan de vuist een instrument vasthoudt. Arm en klauw zijn dus twee verschillende figuren — de klauw hoort bij het schild, de arm bij het helmteken. Een gepantserde arm of vuist is als helmteken in de heraldiek veelvoorkomend en staat doorgaans voor kracht, daadkracht en bescherming.

Het instrument: een cauteriseerijzer. Het instrument in de vuist van het helmteken is vermoedelijk een cauteriseerijzer, een gloeiend heet ijzer waarmee wonden werden dichtgeschroeid en dat chirurgijns ook als "bloedeloos mes" gebruikten om te snijden zonder veel bloedverlies — een toepassing die al door de Romeinse arts Galenus (ca. 138–203 n.Chr.) is beschreven. Dit detail lijkt niet in het oudst bekende wapenbeeld voor te komen en is vermoedelijk pas door Karel van den Sigtenhorst toegevoegd. In de nieuwe tekening is het bewust behouden, als eerbetoon aan de chirurgijns en de apothekerswinkel die de familie in Weesp dreef — en, minstens zo zeer, aan het werk dat R.M. Verniers in de jaren zeventig verzette om deze familiegeschiedenis te ontsluiten, ver voor het tijdperk van gedigitaliseerde archieven.

De drie bonen. Drie is in de heraldiek een populair aantal: twee stuks boven en één eronder vullen een schildvlak met een brede bovenkant en smallere onderkant goed, en drie herhaalde figuren ogen rijker dan één enkel stuk. Mijn werkhypothese is dat de bonen verwijzen naar het bestuurlijke aanzien dat de familie in Weesp bereikte. Ook deze verklaring heb ik zelf opgesteld om het wapen te duiden vanuit de situatie van die tijd; bevestiging in de bronnen ontbreekt (nog). De gedachte erachter: bonen werden in sommige steden letterlijk gebruikt bij de boneloting, de loting waarmee (rijke, aanzienlijke) burgers — boongangers — als magistraat (boonheer) werden aangewezen, met behulp van witte en bruine bonen; de bijeenkomst na afloop van zo'n loting heette het boonmael. Lees meer over de vestiging in Weesp →

Kleuren. In de heraldische traditie wordt rood (keel) doorgaans geassocieerd met moed en dapperheid, en goud (or) met grootheid, rijkdom en macht — associaties die vaker als vuistregel dan als vaste wet worden gehanteerd, want strikt genomen kent geen enkele heraldische kleur een universeel vastgelegde betekenis.

Helm, kroon en dekkleed. De traliehelm boven het schild is van oudsher de meest gebruikte helmvorm in de Nederlandse heraldiek en werd vanaf de veertiende eeuw een vast onderdeel van het wapen. Het dekkleed — de ingesneden doek die vanaf de helm langs het schild afhangt — gaat terug op een lap stof die ter bescherming tegen de zon over de helm werd gedragen.

Bronnen: rinkes.nl — Heraldiek; H.K. Nagtegaal, Heraldisch vademecum, Centraal Bureau voor Genealogie, 2003; Waterschap Amstel, Gooi en Vecht — De hensbeker 300 jaar.

Over Piet Bultsma-Vos

De recente tekening is gemaakt door Piet Bultsma-Vos, heraldicus en oprichter van Heraldisch Atelier Bultsma. Bultsma-Vos houdt zich sinds de jaren zeventig bezig met heraldiek, aanvankelijk als hobby naast een reguliere baan. Sinds begin jaren negentig doet hij dit voltijds, onder de naam Heraldisch Atelier Bultsma — al zijn werk wordt met de hand geschilderd, getekend en ontworpen. Hij ontving opdrachten van onder meer de Orde van Malta, het Ministerie van Buitenlandse Zaken en de Kanselarij der Nederlandse Orden, en werd in de jaren negentig aangesteld als wapentekenaar van de Hoge Raad van Adel — onder meer verantwoordelijk voor de wapens op de laatste perkamenten adelsdiploma's. Ook diverse gemeenten en waterschappen hebben een wapendiploma van zijn hand. Sinds 2012 is hij lid van de Society of Heraldic Arts.

Bron: wapenschilder.nl — Heraldisch Atelier Bultsma

Over Karel van den Sigtenhorst

Het oudere ex libris is getekend door Karel van den Sigtenhorst (Den Haag, 22 juli 1925 — 20 november 2014), een Nederlands wapentekenaar. Hij volgde een opleiding tot reclametekenaar aan de Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, maar legde zich daarna vooral toe op de heraldiek, met de oud-kolonel J.C.P.W.A. Steenkamp als leermeester. In 1943 won hij de gedeelde tweede prijs in de Rietstap-prijsvraag, samen met Paul van Alff, zijn latere voorganger als wapentekenaar bij de Hoge Raad van Adel. Van 1947 tot aan zijn overlijden was Van den Sigtenhorst zelf wapentekenaar voor de Hoge Raad van Adel en het Centraal Bureau voor Genealogie, en leverde hij talloze wapentekeningen voor de jaarlijkse uitgaven van het Nederland's Adelsboek en Nederland's Patriciaat.

Bron: Wikipedia — Karel van den Sigtenhorst